Nieuwe rijhulpsystemen komen naar ambulances Amsterdam-Amstelland, maar zorgen blijven

Geschreven door Op 22 augustus 2026

AMSTELLAND -MEERLANDEN – Nieuwe ambulances moeten worden uitgerust met verschillende elektronische rijhulpsystemen. Die technieken zijn bedoeld om het verkeer veiliger te maken, maar binnen de ambulancezorg bestaan zorgen over de werking tijdens spoedritten. Ambulance Amsterdam-Amstelland heeft er zelf nog geen ervaring mee. Vanaf januari krijgt de dienst nieuwe ambulances waarin de systemen wel aanwezig zijn.

Nieuwe voertuigen in de Europese Unie moeten onder meer beschikken over systemen die de snelheid bewaken, helpen om binnen de rijstrook te blijven, automatisch kunnen remmen en controleren of een bestuurder voldoende aandacht voor de weg heeft. Voor gewone automobilisten kunnen deze voorzieningen de verkeersveiligheid vergroten. Bij ambulances ligt dat ingewikkelder. Tijdens een spoedrit moeten chauffeurs soms bewust afwijken van normaal verkeersgedrag. Zo kunnen zij door rood rijden, gebruikmaken van de vluchtstrook of een andere rijlijn kiezen.

Nieuwe ambulances vanaf januari

De huidige ambulances van Ambulance Amsterdam-Amstelland zijn nog niet voorzien van de nieuwe systemen, vertelt communicatieadviseur Kirsty van Tilborg. “Op dit moment nog niet, maar vanaf januari krijgen wij weer nieuwe ambulances en dan zullen deze wél uitgerust zijn met de nieuwe rijhulpsystemen”. Hoe de techniek tijdens spoedritten in Amsterdam-Amstelland uitpakt, kan de ambulancedienst daarom nog niet beoordelen. In andere delen van Nederland zijn daar inmiddels wel zorgen over ontstaan.

Landelijk overleg over uitschakelen systemen

Volgens Van Tilborg wordt landelijk bekeken of bepaalde rijhulpsystemen kunnen worden uitgeschakeld wanneer ze het werk van ambulancechauffeurs hinderen. Een definitief antwoord daarop is er nog niet. Branchevereniging Ambulancezorg Nederland (AZN), waarbij de ambulancediensten zijn aangesloten, bespreekt samen met de leverancier welke mogelijkheden er zijn. Ook wordt onderzocht welke functies tijdens spoedinzetten problemen kunnen opleveren en wat binnen de regelgeving mogelijk is.

Onverwachte ingreep kan risico opleveren

Onder meer bij Ambulancedienst Zuid-Holland Zuid bestaan zorgen over elektronische ondersteuning tijdens spoedritten. Een camerasysteem dat controleert of een chauffeur wordt afgeleid, kan bijvoorbeeld waarschuwingen geven die zelf voor afleiding zorgen. Meer zorgen zijn er over actieve systemen die zelfstandig remmen of de rijrichting corrigeren.

Een ambulancechauffeur kan tijdens een spoedrit bewust een manoeuvre uitvoeren die voor de elektronica ongebruikelijk lijkt. Als een systeem vervolgens ingrijpt, kan dat verkeerd uitpakken voor de chauffeur, andere weggebruikers en de patiënt achter in de ambulance.

Chauffeurs leren bijvoorbeeld om bepaalde rijlijnen te kiezen en bochten soms ruimer te nemen. Daarmee kan het vervoer voor een patiënt comfortabeler worden gemaakt. Een automatische correctie of onverwachte noodstop kan zo’n bewuste manoeuvre verstoren. Daarnaast zijn er vragen over verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid wanneer een rijhulpsysteem zelfstandig ingrijpt. Ambulancezorg Nederland heeft vooralsnog geen aanwijzingen dat de systemen structureel onwerkbaar of aantoonbaar gevaarlijk zijn. De ervaringen uit de praktijk worden wel onderzocht.

Chauffeurs speciaal getraind voor moeilijke verkeerssituaties

De discussie over de rijhulpsystemen speelt tegen de achtergrond van het specialistische werk van ambulancechauffeurs. Tijdens spoedritten moeten zij soms bewust anders rijden dan andere weggebruikers, bijvoorbeeld om veilig en snel door druk verkeer te komen. De nieuwe systemen kunnen juist op zulke afwijkende rijbewegingen reageren.

Ambulancechauffeurs worden daarom uitgebreid opgeleid om onder moeilijke verkeersomstandigheden veilig te kunnen rijden. Volgens communicatieadviseur Kirsty van Tilborg volgen nieuwe chauffeurs theoretische lessen bij de Academie voor Ambulancezorg en doen zij tegelijkertijd praktijkervaring op bij de ambulancedienst.

In eerste instantie rijden zij mee. Daarna mogen zij zelf rijden, onder begeleiding van een praktijkbegeleider. Voor het werk op een spoedambulance duurt het opleidingstraject ongeveer zeven maanden.

De chauffeurs hoeven geen medische handelingen uit te voeren, maar ondersteunen het ambulanceteam wel. Hun belangrijkste verantwoordelijkheid ligt bij het veilig vervoeren van de patiënt, ook tijdens een spoedrit. “Zij moeten natuurlijk in een spoedsituatie heel behendig kunnen rijden in moeilijke verkeersomstandigheden”, zegt Van Tilborg.

Praktijk moet uitwijzen wat systemen betekenen

Voor Ambulance Amsterdam-Amstelland wordt vanaf januari duidelijk wat de nieuwe techniek in de dagelijkse praktijk betekent. De systemen zijn ontwikkeld om de verkeersveiligheid te vergroten, terwijl ambulancechauffeurs tijdens spoedritten juist soms bewust van normale verkeersregels en rijpatronen moeten afwijken. Of en in hoeverre bepaalde rijhulpsystemen daarvoor moeten of kunnen worden uitgeschakeld, wordt landelijk verder onderzocht.


Huidig nummer

Titel

Artiest

Background